Zij zal een zoon krijgen, die u Jezus
moet noemen. Dat betekent 'God redt'. Matteus 1:21
Hij zal u dopen met de Heilige geest
en met vuur. Matteus 3:11
Van toen af begon Jezus de mensen in
het openbaar toe te spreken. "U moet zich bekeren, want het
Koninkrijk van de hemelen is dichtbij." Matteus 4:17
Onderweg naderde Hem van achteren een
vrouw, die al twaalf jaar aan bloedverlies leed. Zij boog zich
voorover en raakte de kwast van Zijn mantel aan. Zij dacht:"Ik hoef
alleen maar Zijn mantel aan te raken, dan ben ik genezen." Jezus
keerde zich om en zag dat zij Hem had aangeraakt. Hij zei: "Wees
gerust. U bent genezen door uw geloof in mij." Matteus 9:20-22
Oplichters en hoeren zullen vast en
zeker eerder in het Koninkrijk van God komen dan u. Want Johannes de
Doper heeft verteld hoe u het met God in orde kunt maken. Maar u
hebt hem niet geloofd. Het waren juist de oplichters en hoeren die
hem wel geloofden. Matteus 21:31
"God heeft Mij -de Mensenzoon- de
bevoegdheid gegeven zonden te vergeven. Als iemand van Mij vergeving
krijgt, heeft hij vergeving gekregen." Markus 2:10
"Zwijg", zei Jezus tegen de boze
geest. "Ga onmiddelijk uit die man!" De boze geest rukte en trok aan
de man, gilde vreselijk en verliet hem. Markus 1:25
Terwijl Jezus nog in gesprek was
kwamen zijn moeder en broers eraan. Iemand zei dat zijn familie
voor de deur stond, het huis was zo vol dat ze niet naar binnen
konden. Jezus vroeg: "Wie is mijn moeder? En wie zijn mijn broers?"
Ieder die doet wat mijn hemelse Vader wil, is mijn broer, mijn
zuster en mijn moeder." Matteus 12:47-50
Daar werd een dove man bij Hem
gebracht, die ook nauwelijks kon praten. De mensen vroegen Jezus of
Hij Zijn hand op deze man wilde leggen om hem te genezen. Jezus nam
hem apart. Hij stak Zijn vingers in de oren van de man, spuugde en
raakte zijn tong aan. Daarna keek Hij naar de hemel en zei met een
zucht: "Ga open." De man kon ineens goed horen en spreken. Markus 7:33-35
"Wat
kan ik voor u doen?" vroeg Jezus. "Och, Here", antwoordde de blinde
man, "ik wil zo graag kunnen zien!" " "Dat kan, zei Jezus. "Omdat u op
mij vertrouwt, bent u genezen." Op datzelfde moment kon de man weer
zien.
Markus 10:51-52
"Trek de wereld in", zei Hij tegen
hen, en vertel aan de hele schepping het goede nieuws over Mij. Wie
het geloven en gedoopt worden, zullen gered worden." Markus 16:15-16
De herders beefden van angst, maar de
engel stelde hen gerust. "Wees niet bang," zei hij, want ik breng
het mooiste nieuws dat u ooit hebt gehoord. Het is groot nieuws voor
het hele volk. Vandaag is in Bethlehem de Redder geboren: Christus,
de Here." Lukas 2:10-11
"De Geest van de Here is op mij. Hij
heeft mij de opdracht en de kracht gegeven om arme mensen goed
nieuws te brengen. Hij heeft mij gestuurd om te roepen dat
gevangenen zullen worden vrijgelaten, dat blinden zullen zien, dat
onderdrukten zullen worden bevrijd en dat de tijd van Gods genade is
aangebroken." Lukas 4:18-19
Bij het ondergaan van de zon werden
veel zieke mensen bij Hem gebracht. Hij legde Zijn handen op hen en
genas ze allemaal. Het deed er niet toe wat voor ziekte het was. Ook
joeg Hij boze geesten uit vele mensen weg.
Lukas 4: 40-41